Mislukt?

“Eindelijk een wedstrijd waar we allemaal aan mee kunnen doen,” grapte een oud-docent bij het doorgeven van het oproepje van kunstinitiatief Sign+. Het oproepje luidde: ‘Slechte tekeningen wedstrijd. Hoofdprijs 600 euro. Uitgeloofd voor de krachtigste slechte tekening, die alle swing van de mislukking in zich draagt’.

Briljant! Wat een vondst om daarover een expositie te organiseren. Het lijkt natuurlijk een geintje, zo’n expo. Maar toen ik er even over nadacht besefte ik dat het een bijzonder interessant thema is. Wanneer is een tekening  ‘slecht’, wanneer is íe mislukt? En is dat eigenlijk wel hetzelfde?

Ik dook in mijn doos met kleine ‘daily drawings’ om een mooie mislukking te selecteren. Rond 2015 maakte ik ruim een jaar lang elke dag een klein tekeningetje, om mezelf weer aan het tekenen te krijgen – ik had een beetje een creatieve dip. Al snel maakte ik er een blog bij, waar ik alle tekeningetjes op plaatste. Ja, ook de mislukte, de kinderachtige, de flut en de flaters. Gewoon alles.

De drempel om dat te doen – mijn mislukkingen tonen-  was inmiddels wel ietsje hoger dan tijdens mijn Academiejaren, merkte ik. Toen nam ik voor werkbesprekingen ongegeneerd alles wat ik had gemaakt mee (en was verbaasd om te horen dat sommige klasgenoten dat niet deden). Mijn productie leek er enorm hoog door, maar daar ging het niet om. Veel belangrijker was het om aan de docenten mijn proces te laten zien – en daar horen de mislukkingen bij. Verrassend vaak kwamen juist op die misbaksels een positieve reactie. Zagen de docenten er een leuk experiment in, of een aanzet tot iets nieuws.

Zo is het bij mij gebleven: ik zie mijn werk als een doorlopend proces. Het ene werk leidt tot het andere, en experimenten zijn belangrijk. Noodzakelijk zelfs. Als je op die manier naar je werk kijkt, het gewoon als een groot experiment beschouwt, dan maak je geen fouten en mislukt er niks. Want wie weet is het wel een aanzet tot iets miraculeus!

Deze gedachten gingen door mijn hoofd toen ik de stapels daily drawings doornam, op zoek naar een tekening voor de wedstrijd. Het leuke was: ik beschouwde ze daardoor allemaal als ‘gelukt’.

Volgens het woordenboek is ‘mislukken’: niet lukken, niet worden wat iemand of iets moest worden, niet slagen. “Als het niet geworden is wat mijn bedoeling was,” zegt een vriend aan wie het vraag. “Kijk,” gaat hij verder en hij wijst naar een foto van een open raam, “als ik zoiets wil tekenen maar ik maak de lijnen scheef, dan klopt het niet, en dan vind ik het mislukt.” “Ja maar,” breng ik daar tegenin, “scheef perspectief kan toch ook heel interessant zijn? Het hoeft toch niet met de werkelijkheid te kloppen om een goede tekening te zijn?”. Tja, concluderen we, dat hangt er vanaf wat je verwacht van je werk.

Verwacht je niks, dan kan het ook niet mislukken. Zoals met die pretentieloze daily drawings. Die hadden in essentie een andere bedoeling. Maar zijn ze dan ook goed?

Nou, nee.

Ik zie, naast hele leuke tekeningetjes, ook ongeconcentreerde lijnen, slappe strepen, veel te grove kleine lijntjes en veel teksten als ‘argh!! concentratie!’ ‘niet denken!’ ‘het wordt geanalyseer nu, STOP!’, want ik ga vaak automatisch zitten schrijven als ik teveel in mijn kop schiet –  als er verwachtingen blijken ze zijn. Namelijk dat de lijnen geconcentreerd moeten zijn, de strepen ferm en de lijntjes subtiel. Dan heb je kans op iets dat richting ‘goed’ gaat. Maar deze tekeningen zijn gewoon slecht.

Zoals deze:

het geeft niet

Echter, toen ik een paar van dit soort slappelingen bij elkaar legde, vormden ze best een grappige slechte serie. Hey, als serie-werk zijn ze misschien eigenlijk best wel , eh, een soort, eh, goed?

En dan deze:

ik ben goed

Volledig mislukt. Ik vind het niet eens een slechte tekening: het is zelfs helemaal geen tekening. Het was wel de bedoeling dat het er eentje ging worden, maar het werd een afreageer-geval, inclusief een wanhopige tekst en een stom stickertje, om er toch nog iets van te maken. ‘Fair trade, Max Havelaar’; kennelijk zat ik een banaan te eten.

Echter (ja, hier gaan we weer), toen ik ‘m nu, na lange tijd, weer terugzag, raakte ‘ie me. ‘Ik ben goed’ ging ineens een relatie aan met dat stickertje. Als in ‘ik doe zo mijn best voor de wereld, eet Max Havelaar-bananen, maar potversnotver, het is een zootje!’. Ineens ging het heel ergens anders over dan over lijnen of concentratie of verwachtingen daaromtrent. Het was geen tekening geworden, maar wel een werk. Het riep een emotie bij me op, het ging ergens over. De rampzaligste tekeningen kunnen wel een kunstwerk zijn. Vervolgens komt de vraag of het dan een goed, geslaagd kunstwerk is, en tja…dan begint een nieuwe discussie.

Zo mijmerde ik voort over mislukken en slechte tekeningen. Ik dacht aan een gevleugelde uitspraak van Bob Ross, mijn favoriete guilty pleasure wat kunst betreft (ach, nu ik toch schaamteloos bezig ben biecht ik dat ook meteen maar op): “We don’t make mistakes, we make happy accidents”.

Ik las in De Lijst van Yuval Abramovitz (over het waarmaken van je dromen) over hoe door een mislukte poging een herbruikbare lijm te maken, de gele ‘sticky notes’ zijn uitgevonden – niet meer weg te denken uit ons bestaan (en ook leuk om op te tekenen, trouwens). Een van Abramovitz’s leefregels is: ‘Ik heb gefaald bestaat niet. ‘Ik ben geslaagd’ bestaat niet’. ‘Ik heb gespeeld’ is het enige dat bestaat.’

En zo is het maar net. Lekker blijven spelen. Genieten van het proces. Experimenteren, onderzoeken, mislukken. Daar komen soms de mooiste dingen uit voort.

Of niet.

http://www.thedailydrawings.wordpress.com

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s